ECLI:NL:GHLEE:2009:BH1675
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Veroordeling minderjarige voor vernielingen en diefstal op camping
In de nacht van 10 op 11 augustus 2007 heeft de minderjarige verdachte samen met mededaders vernielingen aangericht op en rond een camping te [plaats]. Zij hebben ramen ingegooid, auto's beschadigd door te schoppen en te slaan, en een hekwerk onbruikbaar gemaakt. Daarnaast heeft verdachte met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening golfclubs en een golftas uit een auto weggenomen.
De rechtbank heeft de verdachte veroordeeld, waarvan hij in hoger beroep het primaire ten laste gelegde feit ontkent, maar het hof acht dit wettig en overtuigend bewezen. Het hof baseert zich op verklaringen van getuigen en medeverdachten, waaronder opschepperij over het gooien van tuinstoelen op auto's, en het feit dat verdachte en zijn mededaders tijdens de achtervolging werden herkend.
Het hof acht verdachte strafbaar en wijst strafuitsluitingsgronden af. Gezien de ernst van de feiten, de omstandigheden waaronder deze zijn gepleegd, en de persoon van verdachte, legt het hof een werkstraf van tachtig uren op, waarvan veertig uren voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar en onder bijzondere voorwaarden met begeleiding door Bureau Jeugdzorg. De rest van de straf wordt vervangen door jeugddetentie indien niet uitgevoerd.
Het vonnis van de kinderrechter wordt vernietigd en het hof doet opnieuw recht. Verdachte wordt veroordeeld voor diefstal door twee of meer verenigde personen, medeplegen van vernieling, beschadiging en onbruikbaar maken van goederen van anderen. De straf is mede pedagogisch gemotiveerd, rekening houdend met begeleiding en positieve ontwikkeling van verdachte.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 80 uur werkstraf, waarvan 40 uur voorwaardelijk met proeftijd van 2 jaar en begeleiding door Bureau Jeugdzorg.