ECLI:NL:GHLEE:2009:BH3783

Gerechtshof Leeuwarden

Datum uitspraak
23 februari 2009
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
24-001855-07
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
  • G. Mannoury
  • G.C. Gillissen
  • S. Zwerwer
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 22c Sr (oud)Art. 22d SrArt. 417bis Sr
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Veroordeling schuldheling fiets wegens aanmerkelijke onvoorzichtigheid

Verdachte werd beschuldigd van het bezit en handelen in een gestolen fiets, merk Batavus, kleur blauw, in de periode van december 2004 tot december 2006. Het hof achtte bewezen dat verdachte de fiets voorhanden had terwijl hij redelijkerwijs kon vermoeden dat deze door misdrijf was verkregen. Verdachte verklaarde de fiets van iemand op straat te hebben gekocht, zonder nader onderzoek te doen naar de herkomst.

Het hof oordeelde dat verdachte aanmerkelijk onvoorzichtig heeft gehandeld door geen nader onderzoek te verrichten, waardoor hij heeft bijgedragen aan het in stand houden van de afzetmarkt van gestolen goederen. Verdachte had een verleden van vermogensdelicten, maar sinds augustus 2003 geen justitiecontacten meer die tot veroordelingen leidden.

Gezien de omstandigheden en het verleden van verdachte vond het hof een onvoorwaardelijke gevangenisstraf niet passend. Daarom werd een werkstraf van 28 uur opgelegd, met een vervangende hechtenis van 14 dagen indien de werkstraf niet naar behoren wordt uitgevoerd. Het hof vernietigde het eerdere vonnis en deed opnieuw recht.

Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een werkstraf van 28 uur, met een vervangende hechtenis van 14 dagen.

Uitspraak

Parketnummer: 24-001855-07
Parketnummer eerste aanleg: 18-650934-07
Arrest van 23 februari 2009 van het gerechtshof te Leeuwarden, meervoudige strafkamer, op het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Groningen van 3 mei 2007 in de strafzaak tegen:
[verdachte],
geboren op [1966] te [geboorteplaats],
wonende te [woonplaats], [adres],
niet ter terechtzitting verschenen. Wel verschenen is de raadsvrouw van verdachte,
mr. S.S. Ilahi, advocaat te Groningen.
Het vonnis waarvan beroep
De politierechter in de rechtbank Groningen heeft de verdachte bij het vonnis wegens een misdrijf veroordeeld tot een straf, zoals in dat vonnis omschreven.
Gebruik van het rechtsmiddel
De verdachte is op de voorgeschreven wijze en tijdig in hoger beroep gekomen.
Het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep
Het hof heeft verstek verleend tegen de niet verschenen verdachte. De raadsvrouw van verdachte heeft verklaard niet uitdrukkelijk te zijn gemachtigd de verdachte bij diens afwezigheid te verdedigen.
Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep, alsmede het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg.
De vordering van de advocaat-generaal
De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het hof het verdachte primair ten laste gelegde bewezen zal verklaren en hem ter zake zal veroordelen tot een gevangenisstraf voor de duur van 2 weken.
De beslissing op het hoger beroep
Het hof zal het vonnis vernietigen en opnieuw recht doen.
Tenlastelegging
Hieronder is opgenomen het verdachte ten laste gelegde, zoals vermeld op de inleidende dagvaarding.
Verdachte is ten laste gelegd dat:
hij in of omstreeks de periode van 9 december 2004 tot en met 12 december 2006, in de gemeente [gemeente], in elk geval in Nederland, een fiets (merk Batavus, kleur blauw), heeft verworven, voorhanden heeft gehad en/of heeft overgedragen, terwijl hij ten tijde van het verwerven of het voorhanden krijgen van die fiets wist, althans redelijkerwijs kon vermoeden, dat het (een) door misdrijf verkregen goed(eren) betrof;
althans, indien terzake van het vorenstaande geen veroordeling mocht volgen, dat
hij op of omstreeks 9 december 2004, in de gemeente [gemeente], met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening heeft weggenomen een fiets (merk Batavus, kleur blauw), in elke geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [benadeelde partij], in elk geval aan een ander dan aan verdachte.
Bewezenverklaring
Het hof acht wettig en overtuigend bewezen dat:
hij in de periode van 9 december 2004 tot en met 12 december 2006, in de gemeente [gemeente], een fiets (merk Batavus, kleur blauw) voorhanden heeft gehad, terwijl hij ten tijde van het voorhanden krijgen van die fiets redelijkerwijs kon vermoeden, dat het een door misdrijf verkregen goed betrof.
Het hof acht niet bewezen hetgeen aan verdachte als voormeld meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven als bewezen is aangenomen.
Kwalificatie
Het bewezen verklaarde levert op het misdrijf:
primair: schuldheling.
Strafbaarheid
Het hof acht verdachte strafbaar. Strafuitsluitingsgronden worden niet aanwezig geacht.
Strafmotivering
Het hof heeft bij het bepalen van de op te leggen straf gelet op de aard en de ernst van het feit, de omstandigheden waaronder het feit is begaan en de persoon van verdachte. Het hof heeft in het bijzonder gelet op het navolgende.
Verdachte heeft op 12 december 2006 een fiets voorhanden gehad terwijl hij, toen hij die fiets verkreeg, redelijkerwijs had moeten vermoeden dat deze door misdrijf verkregen was. Verdachte heeft verklaard dat hij de fiets van iemand op straat heeft gekocht. De fiets was niet voorzien van een origineel slot. De fiets bleek in 2004 te zijn gestolen. Verdachte heeft aanmerkelijk onvoorzichtig gehandeld door geen nader onderzoek te verrichten naar de herkomst van de fiets. Hij heeft door zijn handelen bijgedragen aan het instandhouden van een afzetmarkt van gestolen voorwerpen.
Uit het verdachte betreffend uittreksel uit de justitiële documentatie van 2 december 2008 is gebleken dat verdachte in het verleden veelvuldig is veroordeeld wegens vermogensdelicten, maar dat hij vanaf augustus 2003 tot heden geen justitiecontacten heeft gehad die hebben geleid tot veroordelingen.
Met name gelet op dat laatste is het hof van oordeel dat oplegging van een onvoorwaardelijke gevangenisstraf thans niet op zijn plaats is, maar dat kan worden volstaan met oplegging van een werkstraf van na te melden duur.
Toepassing van wetsartikelen
Het hof heeft gelet op de artikelen 22c (oud) 22d, en 417bis van het Wetboek van Strafrecht.
De uitspraak
HET HOF,
RECHT DOENDE OP HET HOGER BEROEP bij verstek:
vernietigt het vonnis, waarvan beroep, en opnieuw recht doende:
verklaart het verdachte ten laste gelegde bewezen en kwalificeert dit als hiervoor vermeld en verklaart dit feit en verdachte strafbaar;
verklaart niet bewezen hetgeen aan verdachte als voormeld meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven als bewezen is aangenomen en spreekt verdachte daarvan vrij;
veroordeelt verdachte [verdachte] tot een taakstraf, bestaande uit een werkstraf, voor de duur van achtentwintig uren, met bevel, voor het geval dat de veroordeelde de werkstraf niet naar behoren verricht, dat vervangende hechtenis voor de duur van veertien dagen zal worden toegepast.
Dit arrest is aldus gewezen door mr. G. Mannoury, voorzitter, mr. G.C. Gillissen en
mr. S. Zwerwer, in tegenwoordigheid van mr. I.N. Koers als griffier.