ECLI:NL:GHLEE:2009:BH7541
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Mollema
- Breemhaar
- De Hek
- Rechtspraak.nl
Beoordeling dwaling en bedrog bij overdracht bewegingsinstituut te Emmen
Partijen kwamen eind 2005 overeen dat appellante het bewegingsinstituut van geïntimeerde te Emmen zou overnemen. Geïntimeerde verstrekte daarbij financiële overzichten, waaronder een handgeschreven specificatie van de netto omzet van €4.000 per vier weken. Op 30 maart 2006 sloten partijen een koopovereenkomst waarbij appellante de onderneming per 15 april 2006 overnam en €45.000 betaalde.
Appellante stelde later dat zij door onjuiste informatie over de omzet was misleid en vorderde vernietiging van de koopovereenkomst wegens dwaling, alsmede schadevergoeding. De rechtbank wees deze vorderingen af. In hoger beroep onderzocht het hof eerst of sprake was van een onjuiste inlichting. Geïntimeerde stelde dat de netto omzet in de zes maanden voorafgaand aan de overdracht gemiddeld €3.737,57 per vier weken bedroeg, een bedrag dat volgens het hof niet significant afweek van de opgegeven €4.000.
Het hof concludeerde dat appellante onvoldoende had betwist dat de omzetinformatie juist was en dat er geen sprake was van dwaling. Ook was er geen bewijs van bedrog of opzettelijke misleiding door geïntimeerde. Daarom werden de grieven van appellante verworpen en het vonnis van de rechtbank bekrachtigd, met veroordeling van appellante in de proceskosten.
Uitkomst: Het hof wijst de vorderingen van appellante af en bekrachtigt het vonnis van de rechtbank.