ECLI:NL:GHLEE:2009:BI1777
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- S.H. Wachter
- H.M.E. Laméris-Tebbenhoff Rijnenberg
- J.A. Wiarda
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor telen van hennep met toepassing van specifieke recidive
Het gerechtshof Leeuwarden behandelde het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter te Groningen, waarin verdachte was veroordeeld voor het telen van hennep. Verdachte was niet verschenen, maar werd vertegenwoordigd door zijn raadsman.
Het hof stelde vast dat verdachte in de periode van 16 juli tot en met 10 september 2007 in een pand in een Nederlandse gemeente ongeveer 335 hennepplanten teelde, een middel dat onder lijst II van de Opiumwet valt. Dit handelen werd bewezen verklaard en kwalificeerde als een strafbaar feit onder de Opiumwet. Het hof oordeelde dat verdachte strafbaar was en dat er geen strafuitsluitingsgronden aanwezig waren.
Bij de strafbepaling hield het hof rekening met de aard en ernst van het delict, de omstandigheden waaronder het plaatsvond en de persoon van verdachte. Tevens werd specifieke recidive betrokken, aangezien verdachte eerder was veroordeeld voor meermalen telen van hennep, met een voorwaardelijke gevangenisstraf die inmiddels onherroepelijk was geworden. De tenuitvoerlegging van deze voorwaardelijke straf werd gelast vanwege het nieuwe delict binnen de proeftijd.
Het hof veroordeelde verdachte tot een gevangenisstraf van twee maanden en gelastte de tenuitvoerlegging van de eerder opgelegde voorwaardelijke straf van eveneens twee maanden. Het vonnis van de politierechter werd vernietigd en het hof deed opnieuw recht.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot twee maanden gevangenisstraf en de tenuitvoerlegging van een eerdere voorwaardelijke straf is gelast.