ECLI:NL:GHLEE:2009:BI2902
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- P.J.M. van den Bergh
- H.J. Deuring
- W. Foppen
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen niet-ontvankelijkverklaring officier van justitie in vervolging wegens heling scooter
De zaak betreft een hoger beroep van de officier van justitie tegen het vonnis van de kinderrechter in de rechtbank Leeuwarden, die de officier van justitie niet-ontvankelijk had verklaard in de vervolging van verdachte wegens heling van een bromscooter.
De raadsman van verdachte voerde aan dat het gelijkheidsbeginsel was geschonden omdat een andere betrokkene, een fietsenhandelaar die onder gelijke omstandigheden de scooter had gekocht, slechts als getuige was aangemerkt en niet werd vervolgd. Het hof oordeelde echter dat niet aannemelijk was dat sprake was van gelijke gevallen, mede omdat informatie over de strafrechtelijke positie van de fietsenhandelaar ontbrak.
Het hof stelde vast dat het opportuniteitsbeginsel de officier van justitie de bevoegdheid geeft om te beslissen over vervolging, en dat de rechter dit slechts kan toetsen bij strijd met wettelijke of verdragsrechtelijke voorschriften of beginselen van goede procesorde. Het hof verwierp het verweer van schending van het gelijkheidsbeginsel en verklaarde de officier van justitie ontvankelijk in de vervolging.
Vervolgens vernietigde het hof het vonnis van de kinderrechter en wees de zaak terug naar de kinderrechter in de rechtbank Leeuwarden, met het bevel om na hernieuwde oproeping van verdachte het onderzoek opnieuw te starten en de zaak opnieuw te berechten en af te doen.
Uitkomst: Het hof verklaart de officier van justitie ontvankelijk en wijst de zaak terug naar de kinderrechter voor hernieuwde berechting.