ECLI:NL:GHLEE:2009:BI9023
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep kort geding
- Kuiper
- Rowel-van der Linde
- Fikkers
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake proceskostenveroordeling en toegang tot gehuurde loods
Appellant had een loods gehuurd van geïntimeerde 1 en later werd geïntimeerde 2 mede- of onderhuurder. Na opzegging door appellant verhuurde geïntimeerde 1 de loods per 1 oktober 2008 uitsluitend aan geïntimeerde 2, terwijl zich nog goederen van appellant in de loods bevonden. Appellant vorderde in eerste aanleg toegang tot de loods en terugplaatsing van zijn goederen, alsmede een voorschot op schadevergoeding.
De voorzieningenrechter wees deze vorderingen af wegens onvoldoende onderbouwing van eigendom en onvoldoende bepaalbaarheid van de vorderingen. Appellant stelde hoger beroep in tegen het vonnis, voornamelijk vanwege de proceskostenveroordeling en het vermeende onrechtmatig onthouden van goederen.
Het hof oordeelde dat appellant ten tijde van het hoger beroep geen voldoende belang meer had bij de vorderingen tot toegang en terugplaatsing, aangezien de huurperiode was verstreken en appellant niet concreet had gespecificeerd welke goederen nog teruggevorderd werden. De vordering tot schadevergoeding was ingetrokken. Het hof ontving appellant in hoger beroep vanwege het belang bij de proceskostenveroordeling, maar bevestigde dat de voorzieningenrechter terecht de vorderingen had afgewezen wegens onvoldoende bepaalbaarheid en onderbouwing.
Het hof bekrachtigde het vonnis van de voorzieningenrechter en veroordeelde appellant in de kosten van het hoger beroep, die nihil werden begroot aan de zijde van geïntimeerden.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis dat de vorderingen van appellant afwijst en veroordeelt appellant in de kosten van het hoger beroep.