ECLI:NL:GHLEE:2009:BJ1396
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Van de Veen
- Van Hek
- Willems
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid voor brandschade door mankement aan tafelcontactdoos op schip Bertiga
Op 10 december 2003 brak er brand uit aan boord van het polyester motorjacht Bertiga, waardoor het schip geheel verloren ging en meerdere andere jachten rook- en roetschade opliepen. De eigenaar van het schip, appellant, had het schip in winterstalling bij Jachthaven Briltil, waar hij stroomgebruik had toegestaan gekregen onder bepaalde voorwaarden.
Diverse expertiserapporten onderzochten de oorzaak van de brand. De meest overtuigende conclusie was dat de brand zeer waarschijnlijk is ontstaan door een mankement in de aansluiting van een tafelcontactdoos aan boord van de Bertiga. Andere theorieën, zoals het gebruik van een elektrische kachel met een opgerold verlengsnoer, werden door appellant bestreden en door het hof minder zwaar gewogen.
De rechtbank had appellant aansprakelijk gesteld op grond van de schuld van het schip volgens de aanvaringsbepalingen van Boek 8 BW. Het hof bevestigt dit oordeel en oordeelt dat het schip niet voldeed aan de eisen die men in de gegeven omstandigheden mocht stellen, waardoor sprake is van schuld van het schip.
Appellant voerde ook aan dat de Tijdelijke regeling verhaalsrechten (artikel 6:197 BW Pro) van toepassing zou moeten zijn, maar het hof verwierp dit verweer omdat de nationale invulling van schuld van het schip geen uitbreiding van aansprakelijkheid inhoudt. Het vonnis van de rechtbank wordt bekrachtigd, appellant wordt veroordeeld in de kosten van het hoger beroep en de gevorderde nakosten worden afgewezen.
Uitkomst: Appellant wordt aansprakelijk gehouden voor de brand- en roetschade veroorzaakt door een mankement aan de tafelcontactdoos aan boord van het schip Bertiga.