ECLI:NL:GHLEE:2009:BJ2534
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep kort geding
- Streppel
- Verschuur
- Van de Veen
- Rechtspraak.nl
Moeder niet-ontvankelijk in terugvordering persoonsgebonden budget wegens ontbreken machtiging
In deze zaak vordert de moeder van een minderjarig kind terugbetaling van een persoonsgebonden budget dat door de vader/gewezen echtgenoot zou zijn misbruikt. De voorzieningenrechter had haar vordering afgewezen wegens gebrek aan spoedeisend belang. De moeder stelde in hoger beroep dat zij wel degelijk spoedeisend belang had omdat zij door het Zorgkantoor werd aangesproken om het bedrag terug te betalen en daardoor de zorg voor het kind in gevaar kwam.
Het hof oordeelt dat hoewel het kind materieel belang heeft bij de zorg, de moeder niet als wettelijk vertegenwoordiger optreedt met de vereiste machtiging zoals bedoeld in artikel 1:349 BW Pro. Hierdoor is zij niet-ontvankelijk in haar vordering jegens de vader/gewezen echtgenoot. Het hof bevestigt het oordeel van de voorzieningenrechter en bekrachtigt het vonnis.
De proceskosten worden in beide instanties gecompenseerd. De beslissing benadrukt het belang van de formele vertegenwoordiging bij vorderingen namens minderjarigen en de noodzaak van een machtiging om rechtsgeldige stappen te kunnen ondernemen.
Uitkomst: De moeder is niet-ontvankelijk verklaard in haar vordering wegens het ontbreken van een machtiging ex artikel 1:349 BW.