ECLI:NL:GHLEE:2009:BJ4960
Gerechtshof Leeuwarden
- Proceskostenveroordeling
- Dijkstra
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen niet-ontvankelijkverklaring wegens ontbreken machtiging in bestuursrechtelijke procedure
De kantonrechter verklaarde het beroep van betrokkene niet-ontvankelijk omdat geen schriftelijke machtiging was overgelegd, ondanks een aanmaning. De gemachtigde stelde dat het beroep ten onrechte niet-ontvankelijk was verklaard omdat hij niet de gelegenheid had gekregen het verzuim te herstellen.
Het hof overweegt dat uit de wet niet volgt dat bij indiening van het beroep direct een machtiging moet worden overgelegd. Volgens vaste jurisprudentie kan een beroep pas niet-ontvankelijk worden verklaard als de indiener de mogelijkheid heeft gehad het verzuim te herstellen binnen een gestelde termijn, conform artikel 6:6 Awb Pro.
Omdat de kantonrechter de gemachtigde niet in de gelegenheid heeft gesteld het verzuim te herstellen, vernietigt het hof de beslissing en wijst de zaak terug naar de rechtbank Maastricht. Tevens veroordeelt het hof de advocaat-generaal tot vergoeding van de proceskosten van €120,75 aan betrokkene.
Uitkomst: Het hof vernietigt de niet-ontvankelijkverklaring wegens ontbreken machtiging en wijst de zaak terug naar de rechtbank.