ECLI:NL:GHLEE:2009:BJ6617
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Garos
- Melssen
- De Ruijter
- Rechtspraak.nl
Geen omgangsregeling tussen vader en minderjarige wegens traumatische achtergrond en therapiebehoefte
In deze zaak staat de omgang tussen een vader en zijn minderjarige zoon centraal, waarbij het hof het belang van het kind voorop stelt. De minderjarige volgt therapie vanwege seksueel misbruik en ernstige mishandeling, met een stapeling van trauma's die zijn geestelijke ontwikkeling bedreigen. De Raad voor de Kinderbescherming bracht een rapport uit waarin werd geadviseerd de omgangsregeling te beëindigen, mede vanwege het risico op ontvoering en de angst van de moeder.
De vader betwistte het advies en verzocht om nader onderzoek, met name een observatie van de omgang tussen hem en de minderjarige. De moeder en de Raad waren echter van mening dat een nieuw onderzoek de therapie en rust van het kind zou verstoren. Het hof weegt deze belangen zorgvuldig af en concludeert dat het belang van het kind bij duidelijkheid en stabiliteit ligt.
Het hof vernietigt de eerdere beschikking en bepaalt dat er geen omgangsregeling meer geldt tussen de vader en de minderjarige. Wel wordt van de moeder verlangd dat zij onderzoekt in hoeverre de vader betrokken kan worden bij de therapie zonder het belang van het kind te schaden. Deze beslissing is uitvoerbaar bij voorraad en is genomen na zorgvuldige afweging van de feiten, het rapport van de Raad en de standpunten van partijen.
Uitkomst: Het hof bepaalt dat er geen omgangsregeling meer geldt tussen de vader en de minderjarige vanwege het belang van het kind en lopende therapie.