ECLI:NL:GHLEE:2009:BJ8451
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Janse
- Zandbergen
- Tjallema
- Rechtspraak.nl
Geschil over bestaan en inhoud geldleningsovereenkomst en bewijsvoering
In deze civiele procedure staat de vraag centraal of een geldleningsovereenkomst van fl. 700.000,- tussen appellanten en geïntimeerde daadwerkelijk bestaat en rechtsgeldig is. Appellanten betwisten het bestaan van de lening en vorderen vernietiging van de overeenkomst en terugbetaling van onverschuldigde betalingen.
Het hof overweegt dat de notariële akte van geldlening dwingend bewijs levert van het bestaan van de lening, tenzij appellanten tegenbewijs leveren. Dit tegenbewijs is niet geleverd, mede omdat getuigenverklaringen die appellanten aandragen onvoldoende overtuigend zijn. De rechtbank en het hof sluiten zich aan bij de bewijswaardering dat de lening vaststaat.
Verder oordeelt het hof dat de verdeelsleutel van de opbrengst van executie van een woning tussen partijen niet relevant is voor het bestaan van de lening, maar wel voor de verrekening van bedragen. Het hof vernietigt het vonnis voor zover het appellanten veroordeelde tot betaling van € 8.100,- achterstallige rente en wijst deze vordering af. Partijen worden in de proceskosten veroordeeld, waarbij appellanten de kosten van hoger beroep draagt en geïntimeerde de kosten van de procedure in eerste aanleg in reconventie.
Uitkomst: Het hof bevestigt het bestaan van de lening, wijst het tegenbewijs af en wijst de vordering tot achterstallige rente af.