ECLI:NL:GHLEE:2009:BJ9271
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- G.M. Meijer-Campfens
- J. Hielkema
- W. Foppen
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs verkoop en bezit cocaïne
De politierechter in Leeuwarden had verdachte veroordeeld voor het bezit en de verkoop van cocaïne. Verdachte ging hiertegen in hoger beroep. Tijdens de behandeling van het hoger beroep heeft de advocaat-generaal een gevangenisstraf van één maand geëist, met aftrek van voorarrest.
Het hof oordeelde dat niet met voldoende zekerheid kon worden vastgesteld dat het aangetroffen bolletje cocaïne afkomstig was van verdachte of een medeverdachte. Hierdoor kon het ten laste gelegde niet bewezen worden verklaard.
Het hof vernietigde het vonnis van de politierechter en sprak verdachte vrij van de ten laste gelegde feiten. De raadsman van verdachte was aanwezig bij de zitting, verdachte zelf was niet verschenen.
Deze uitspraak benadrukt het belang van voldoende bewijs voor een veroordeling in strafzaken omtrent drugsbezit en -handel.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs dat het aangetroffen bolletje cocaïne van hem afkomstig is.