ECLI:NL:GHLEE:2009:BJ9304
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Van den Bergh
- Foppen
- Van Zant
- Rechtspraak.nl
Veroordeling sociotherapeut voor ontucht met patiënt in gesloten kliniek
Verdachte, werkzaam als sociotherapeut in een gesloten kliniek, werd beschuldigd van het plegen van ontucht met een patiënt die zich aan haar hulp had toevertrouwd. De rechtbank sprak haar vrij, maar het openbaar ministerie ging in hoger beroep. Het hof oordeelde dat verdachte meermalen seksuele handelingen heeft verricht met de patiënt, waarbij de afhankelijkheidsrelatie tussen hulpverlener en cliënt de vrijwilligheid van de patiënt beïnvloedde.
De verdediging voerde aan dat er sprake was van vrijwilligheid en wederzijdse verliefdheid, en dat het gelijkheidsbeginsel werd geschonden omdat in soortgelijke zaken niet werd vervolgd. Het hof verwierp deze verweren, onder meer omdat in de zaak van verdachte wel aangifte was gedaan en zij een bekennende verklaring had afgelegd.
Het hof achtte bewezen dat verdachte ontucht had gepleegd in de periode januari tot maart 2006, ondanks dat de seksuele contacten plaatsvonden in haar vrije tijd. Het hof legde een voorwaardelijke gevangenisstraf van drie maanden op met een proeftijd van twee jaar, waarbij rekening werd gehouden met de ernst van de feiten, de impact op verdachte en het feit dat zij sindsdien niet opnieuw met justitie in aanraking was gekomen.
De vordering van de benadeelde partij tot schadevergoeding werd niet-ontvankelijk verklaard en verwezen naar de burgerlijke rechter. Het hof vernietigde het vonnis van de rechtbank en deed opnieuw recht.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van drie maanden wegens ontucht met een patiënt binnen een gesloten kliniek.