ECLI:NL:GHLEE:2009:BL3559
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Beswerda
- Sekeris
- Van Schuijlenburg
- Rechtspraak.nl
Kostenvergoeding bij intrekking hoger beroep in bestuursrechtelijke verkeerszaak
In deze bestuursrechtelijke verkeerszaak heeft het Gerechtshof Leeuwarden het hoger beroep van het Openbaar Ministerie ingetrokken nadat de kantonrechter het beroep van de betrokkene tegen een beschikking van het CJIB gegrond had verklaard. Het hof beoordeelde het verzoek tot proceskostenvergoeding van de betrokkene, die rechtsbijstand had ontvangen van een gemachtigde.
Het hof stelde vast dat artikel 13b WAHV, dat de kostenveroordeling regelt bij intrekking van beroep, analoog van toepassing is omdat de wet geen regeling bevat voor de situatie waarin het hoger beroep door het OM wordt ingetrokken terwijl de kantonrechter het beroep gegrond verklaarde. Het Besluit proceskosten bestuursrecht is van overeenkomstige toepassing voor de vaststelling van de hoogte van de vergoeding.
De advocaat-generaal voerde aan dat alleen daadwerkelijk gemaakte en in rekening gebrachte kosten voor rechtsbijstand vergoed kunnen worden, maar het hof verwierp dit en stelde dat toetsing van daadwerkelijke kosten niet op de weg van de rechter ligt. Het forfaitaire stelsel in het Besluit bepaalt de vergoeding op basis van proceshandelingen en een forfaitair tarief.
Het hof berekende de vergoeding op basis van het indienen van een verweerschrift en een reactie op een nadere toelichting, met een wegingsfactor voor lichte zaken, en bepaalde de vergoeding op € 241,50. Het verzoek voor een hogere vergoeding werd afgewezen. De beslissing werd uitgesproken door de rechters Beswerda, Sekeris en Van Schuijlenburg.
Uitkomst: Het hof veroordeelt de advocaat-generaal tot vergoeding van proceskosten van € 241,50 aan betrokkene.