ECLI:NL:GHLEE:2010:BM1870
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep wegens opzettelijk nalaten verstrekken van gegevens aan uitkeringsinstantie
De verdachte heeft gedurende bijna vijf en een half jaar nagelaten om aan een uitkeringsinstantie te melden dat hij naast zijn WAO-uitkering betaalde werkzaamheden verrichtte als bezorger van kranten en lectuur. Hierdoor werd de uitkeringsinstantie de mogelijkheid ontnomen om volledig inzicht te krijgen in de relevante feiten voor de beoordeling van de aanspraak op de WAO-uitkering.
Het hof achtte wettig en overtuigend bewezen dat verdachte opzettelijk tijdig de benodigde gegevens niet heeft verstrekt, in strijd met artikel 80 van Pro de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (WAO) en artikel 25 van Pro de Werkloosheidswet (WW). Verdachte wist of moest redelijkerwijs vermoeden dat deze gegevens van belang waren voor de vaststelling van zijn recht op uitkering.
De rechtbank Groningen had verdachte eerder veroordeeld, maar het hof vernietigde dit vonnis en deed opnieuw recht. Het hof veroordeelde verdachte tot een werkstraf van 150 uur, met een vervangende hechtenis van 75 dagen indien de werkstraf niet naar behoren wordt uitgevoerd. Verdachte was niet eerder veroordeeld voor soortgelijke feiten.
De straf is gebaseerd op de ernst van het feit, de duur van de overtreding en de persoon van verdachte. Strafuitsluitingsgronden werden niet aangenomen. Het hof achtte de werkstraf passend en geboden.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een werkstraf van 150 uur met vervangende hechtenis van 75 dagen wegens opzettelijk nalaten van tijdige gegevensverstrekking aan uitkeringsinstantie.