ECLI:NL:GHLEE:2010:BN4008

Gerechtshof Leeuwarden

Datum uitspraak
12 maart 2010
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
200.031.449H
Type
Uitspraak
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
  • Dijkstra
  • Beswerda
  • Van Schuijlenburg
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Herstelarrest wegens niet-registratie gemachtigde in administratief systeem bij hoger beroep bestuursrechtelijke verkeerszaak

In deze bestuursrechtelijke zaak betreffende een verkeersvoorschriftbeslissing werd het hoger beroep behandeld door het Gerechtshof Leeuwarden. De betrokkene, vertegenwoordigd door een gemachtigde, had beroep ingesteld tegen een beslissing van de kantonrechter die het beroep van betrokkene gegrond had verklaard. Het hof verklaarde het beroep tegen de kantonrechter vervolgens ongegrond.

Na het arrest van 15 februari 2010 bleek dat door een administratieve vergissing de gemachtigde niet in het systeem van het hof geregistreerd was. Hierdoor ontving alleen de betrokkene correspondentie, waaronder het verweerschrift en uitnodigingen, terwijl de gemachtigde niet adequaat geïnformeerd werd. Dit leidde tot een situatie waarin de gemachtigde geen mogelijkheid had om het beroep nader toe te lichten.

Het hof oordeelde dat deze ernst van de vergissing zodanig was dat het arrest niet in stand kon blijven. Daarom verklaarde het hof het arrest vervallen, zond het verweerschrift toe aan de gemachtigde en gaf hem de gelegenheid het beroep nader toe te lichten. Hiermee werd de procedure hersteld en werd verdere beslissing aangehouden.

Uitkomst: Het gerechtshof verklaart het arrest van 15 februari 2010 vervallen en herstelt de procedure door de gemachtigde alsnog te betrekken.

Uitspraak

WAHV 200.031.449H
12 maart 2010
CJIB 119919254
Gerechtshof te Leeuwarden
Herstelarrest
op het hoger beroep tegen de beslissing
van de kantonrechter van de rechtbank 's-Hertogenbosch
van 16 april 2009
betreffende
[betrokkene] (hierna te noemen: betrokkene), wonende te [woonplaats],
voor wie als gemachtigde optreedt mr. C.M.J.E.P. Meerts, kantoorhoudende te Beegden.
De beslissing van de kantonrechter
De kantonrechter heeft het beroep van de betrokkene tegen de door de Centrale Verwerking Openbaar Ministerie namens de officier van justitie in het arrondissement 's-Hertogenbosch genomen beslissing gegrond verklaard, de beslissing van de officier van justitie vernietigd en het beroep tegen de inleidende beschikking ongegrond verklaard. De beslissing van de kantonrechter is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
Het procesverloop
Bij arrest van het hof d.d. 15 februari 2010 is het beroep tegen de beslissing van de kantonrechter ongegrond verklaard. Op 18 februari 2010 is een fax binnengekomen van de gemachtigde met de mededeling, dat voorafgaand aan de toezending van het arrest het laatste bericht dat hij in de zaak heeft ontvangen de brief van 23 april 2009 van het kantongerecht in Helmond is geweest waarin is aangegeven dat de zaak is doorgezonden naar het hof.
Beoordeling
1. Het hof constateert, dat door een vergissing de gemachtigde in deze zaak niet in het administratieve systeem is geregistreerd. Het gevolg daarvan is geweest dat alleen aan de betrokkene een ontvangstbevestiging is gezonden, evenals het verweerschrift en de uitnodiging om in reactie daarop het beroep nader toe te lichten.
2. Nu geen ander rechtsmiddel openstaat en de ernst van de vergissing zodanig is dat het arrest niet in stand kan blijven zal het hof de uitspraak van 15 februari 2010 vervallen verklaren.
3. Aan de gemachtigde dient een afschrift van het verweerschrift van de advocaat-generaal te worden gezonden en hij dient in de gelegenheid te worden gesteld zo nodig het beroep nader toe te lichten.
Beslissing
Het gerechtshof:
verklaart de uitspraak van 15 februari 2010 vervallen;
bepaalt dat de gemachtigde een afschrift van het verweerschrift wordt toegezonden;
houdt verder iedere beslissing aan.
Dit arrest is gewezen door mrs. Dijkstra, Beswerda en Van Schuijlenburg, in tegenwoordigheid van mr. Zomer als griffier, en uitgesproken ter openbare zitting.