ECLI:NL:GHLEE:2010:BN5762
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Dijkstra
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid hoger beroep wegens ontbreken machtiging bestuurder in bestuursstrafzaak
In deze bestuursrechtelijke zaak ging het om een administratieve sanctie van €150,- opgelegd aan de kentekenhouder wegens het niet voor laten gaan van een voetganger op een oversteekplaats op 16 juli 2008. De bestuurder van het voertuig, die ten tijde van de gedraging reed, stelde beroep in tegen deze sanctie. In hoger beroep voerde hij aan nooit gemachtigd te zijn door de kentekenhouder en betoogde dat de procedure daardoor niet volgens de geldende rechtswegen was gevoerd.
Het hof wees erop dat volgens de Algemene wet bestuursrecht een gemachtigde een schriftelijke machtiging moet kunnen overleggen, maar dat het ontbreken daarvan niet automatisch tot niet-ontvankelijkheid leidt als de persoon die beroep instelt zelf belanghebbende is. De bestuurder gaf echter aan dat hij niet namens de kentekenhouder, maar op persoonlijke titel procedeerde.
Het hof concludeerde dat het beroep niet-ontvankelijk is omdat de bestuurder geen machtiging had en niet als gemachtigde optreedt, terwijl hij zelf geen belanghebbende is. Hij was gewezen op de gevolgen van deze opstelling maar hield vol. Het hoger beroep werd daarom niet-ontvankelijk verklaard.
Uitkomst: Het hoger beroep van de bestuurder wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van een machtiging en het ontbreken van persoonlijk belang.