ECLI:NL:GHLEE:2010:BN9700
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Ontbinding koopovereenkomst en matiging contractuele boete wegens gebreken en mishandeling
Op 1 februari 2006 sloten partijen een koopovereenkomst voor een woning, die werd ontbonden vanwege financieringsproblemen van de koper. Op 27 maart 2006 werd een nieuwe koopovereenkomst gesloten met uitgebreide bepalingen over levering, risico-overgang, ingebrekestelling en een contractuele boete van 10% bij niet-nakoming.
De woning werd feitelijk geleverd op 1 april 2006, maar de koper nam deze niet af op de overeengekomen leveringsdatum 1 juni 2007. Zij klaagde over gebreken en meldde vertraging in financiering. Na ingebrekestelling en aanzegging van ontruiming verliet zij de woning op 1 december 2007. De verkopers riepen buitengerechtelijk ontbinding in en vorderden betaling van de boete, gebruiksvergoeding en kosten.
De rechtbank stelde de ontbinding vast en veroordeelde de koper tot betaling van de boete en gebruiksvergoeding, met uitzondering van makelaarskosten. In hoger beroep oordeelde het hof dat de koper niet tijdig in gebreke was gesteld over gebreken en dat er geen bewijs was voor herstelafspraken. De feitelijke levering vormde een huurovereenkomst, waarbij de koper huur verschuldigd was. De boete werd gematigd tot €10.000 vanwege mishandeling door familie van de verkopers, die het woongenot aantastte.
Het hof vernietigde het vonnis voor zover de boete hoger was vastgesteld en veroordeelde de koper tot betaling van €12.785, bestaande uit de gematigde boete en achterstallige huur. De proceskosten werden gecompenseerd, ieder draagt eigen kosten. De vorderingen van de verkopers werden verder bekrachtigd.
Uitkomst: Het hof matigde de contractuele boete en veroordeelde de koper tot betaling van €12.785 inclusief achterstallige huur, en bevestigde de ontbinding van de koopovereenkomst.