ECLI:NL:GHLEE:2010:BO7451
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- K.J. van Dijk
- W. Foppen
- P. Greve
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen niet-ontvankelijkheid openbaar ministerie wegens overschrijding redelijke termijn
De rechtbank Groningen had het openbaar ministerie niet-ontvankelijk verklaard in de vervolging van verdachte wegens overschrijding van de redelijke termijn zoals bedoeld in artikel 6 EVRM Pro. Het hof stelt vast dat op grond van het arrest van de Hoge Raad van 16 juni 2008 overschrijding van de redelijke termijn niet kan leiden tot niet-ontvankelijkheid van het OM, ook niet in uitzonderlijke gevallen.
De verdediging voerde aan dat door het tijdsverloop een eerlijk proces niet meer mogelijk is omdat getuigen zich de feiten niet meer kunnen herinneren. Het hof oordeelt dat dit verweer niet kan leiden tot niet-ontvankelijkheid en dat het aan de rechter is om de waarde van getuigenverklaringen te beoordelen.
Het hof vernietigt het vonnis van de rechtbank en verklaart het openbaar ministerie ontvankelijk in de vervolging. Vervolgens wijst het hof de zaak terug naar de rechtbank Groningen om op de bestaande inleidende dagvaarding opnieuw recht te doen, met inachtneming van het arrest van het hof.
De tenlastelegging betreft valsheid in geschrifte en deelname aan een criminele organisatie met als oogmerk het plegen van misdrijven zoals oplichting, valsheid in geschrifte en witwassen, gepleegd in de periode van 2001 tot 2005 in verschillende gemeenten in Nederland.
Uitkomst: Het hof vernietigt het vonnis en verklaart het openbaar ministerie ontvankelijk, waarna de zaak wordt terugverwezen naar de rechtbank.