ECLI:NL:GHLEE:2010:BP1054

Gerechtshof Leeuwarden

Datum uitspraak
30 november 2010
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
200.071.110-01
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Aangehouden
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Gerechtshof gelast comparitie en minnelijke regeling in civiele zaak

In deze civiele procedure is appellante in hoger beroep gekomen tegen het vonnis van de rechtbank Assen van 23 juni 2010. Het geschil betreft een civiele zaak tussen [appellante] en [geïntimeerde]. Na het indienen van de memorie van grieven en het pleidooi op 21 oktober 2010, waarbij aanvullende akten zijn genomen, ziet het hof aanleiding om een comparitie van partijen te gelasten.

Het doel van deze comparitie is het inwinnen van nadere inlichtingen en het beproeven van een minnelijke regeling tussen partijen. Het hof heeft bepaald dat partijen persoonlijk moeten verschijnen, eventueel met hun raadslieden, op 6 december 2010 in het Paleis van Justitie te Leeuwarden voor mr. M.W. Zandbergen, benoemd tot raadsheer-commissaris.

Daarnaast is bepaald dat indien partijen zich tijdens de comparitie op schriftelijke bescheiden willen beroepen, deze tijdig in het geding moeten worden gebracht en aan de wederpartij moeten worden toegezonden. Deze procedurele maatregel dient een zorgvuldige behandeling van het hoger beroep te waarborgen en de mogelijkheid tot een schikking te faciliteren.

Uitkomst: Het hof gelast een comparitie van partijen voor het geven van inlichtingen en het beproeven van een schikking.

Uitspraak

Arrest d.d. 30 november 2010
Zaaknummer 200.071.110/01
HET GERECHTSHOF TE LEEUWARDEN
Arrest van de vierde kamer voor burgerlijke zaken in de zaak van:
[Naam]
wonende te [woonplaats]
appellante,
in eerste aanleg: gedaagde,
hierna te noemen: [appellante],
toevoeging,
advocaat: mr. J.V. van Ophem, kantoorhoudende te Leeuwarden,
tegen
[Naam],
wonende te [woonplaats],
geïntimeerde,
in eerste aanleg: eiser,
hierna te noemen: [geïntimeerde],
advocaat: mr. J.W. Flipse, kantoorhoudende te Assen.
Het geding in eerste instantie
[appellante] is in hoger beroep gekomen van het vonnis van 23 juni 2010 door de rechtbank Assen, sector civiel recht, gewezen tussen partijen. Bij memorie van grieven heeft [appellante] opgeworpen. Voor de memorie van antwoord is ambtshalve akte niet dienen verleend. Vervolgens hebben partijen op 21 oktober 2010 hun zaak doen bepleiten, waarbij de advocaat van [appellante] een pleitnota heeft overgelegd.
Voorts heeft [appellante] een akte genomen en heeft [geïntimeerde] een antwoordakte genomen.
Beoordeling van het hoger beroep
Gelet op de stand van het geding ziet het hof aanleiding om een comparitie van partijen te gelasten. Het doel is inwinnen van inlichtingen en het beproeven van een minnelijke regeling.
De beslissing
Het gerechtshof:
alvorens verder te beslissen:
beveelt een verschijning van partijen in persoon, desgewenst vergezeld van de raadslieden - tot het geven van inlichtingen en het beproeven van een schikking;
bepaalt dat deze verschijning van partijen zal worden gehouden in het Paleis van Justitie, Wilhelminaplein 1 te Leeuwarden, op maandag 6 december 2010 te 15.30 uur voor mr M.W. Zandbergen, hiertoe benoemd tot raadsheer-commissaris;
verstaat, voor het geval één van partijen zich tijdens vorenbedoelde comparitie wenst te beroepen op de inhoud van schriftelijke bescheiden, dat deze bescheiden ter comparitie bij akte in het geding moeten worden gebracht, alsmede dat een kopie van die akte uiterlijk 3 december 2010 moeten worden gezonden aan de griffie van het hof en aan de wederpartij;
Aldus gewezen door mrs. L. Janse, voorzitter, M.W. Zandbergen en
L.C.A. Verstappen raden, en uitgesproken door de rolraadsheer ter openbare terechtzitting van dit hof van dinsdag 30 november 2010 in bijzijn van de griffier.