ECLI:NL:GHLEE:2011:BP4619
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Veroordeling wegens opzettelijk nalaten gegevensverstrekking aan UWV bij WAZ-uitkering
Verdachte heeft in de periode van 1 januari 2004 tot 1 februari 2007 opzettelijk nagelaten om tijdig en volledig relevante gegevens te verstrekken aan het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (UWV) die van belang waren voor de vaststelling van zijn recht op een WAZ-uitkering en de hoogte en duur daarvan. Deze nalatigheid kon leiden tot bevoordeling van zichzelf.
De rechtbank Groningen veroordeelde verdachte eerder, maar het hof vernietigde dit vonnis en deed opnieuw recht. Het hof achtte bewezen dat verdachte wist of redelijkerwijs moest vermoeden dat de gegevens van belang waren en dat hij bewust handelde in strijd met artikel 70 van Pro de Wet Arbeidsongeschiktheidsverzekering Zelfstandigen (WAZ).
Het hof nam mee dat verdachte eerder is veroordeeld voor andere strafbare feiten, maar niet voor soortgelijke feiten. Ook hield het hof rekening met persoonlijke omstandigheden van verdachte. Gezien de aard van het feit en de richtlijnen voor sociale zekerheidsfraude legde het hof een werkstraf van 140 uren op, met een vervangende hechtenis van 70 dagen bij niet-nakoming.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een werkstraf van 140 uren en subsidiair 70 dagen hechtenis wegens opzettelijk nalaten van tijdige gegevensverstrekking aan het UWV.