ECLI:NL:GHLEE:2011:BQ0932
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Veroordeling wegens opzettelijk niet melden gezamenlijke huishouding bij leenbijstand
Verdachte ontving leenbijstand van de gemeente en voerde een gezamenlijke huishouding met haar medeverdachte zonder dit te melden, wat in strijd is met artikel 17 van Pro de Wet werk en bijstand. Het hof acht bewezen dat verdachte opzettelijk de benodigde gegevens niet verstrekte, waardoor zij zichzelf bevoordeelde. De verklaring van verdachte wordt ondersteund door die van de medeverdachte en een sociaal rechercheur.
Verdachte voerde aan dat haar gezondheidsproblemen en crisissituatie haar handelen rechtvaardigden en dat zij de gemeente voldoende had geïnformeerd. Dit verweer werd verworpen omdat onvoldoende bewijs voor schulduitsluiting werd geleverd en de inlichtingenplicht ook voor leenbijstand geldt. Het bestuursrechtelijke besluit dat terugvordering werd afgewezen, raakt de strafrechtelijke beoordeling niet.
Het hof houdt rekening met de gezondheidstoestand van verdachte in beperkte mate en met haar eerdere veroordelingen. Het legt een werkstraf van 70 uur op, met een subsidiaire hechtenis van 35 dagen waarvan de helft voorwaardelijk, en stelt een proeftijd van twee jaar in.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een werkstraf van 70 uur, subsidiair 35 dagen hechtenis waarvan de helft voorwaardelijk.