ECLI:NL:GHLEE:2011:BQ1734
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak verdachte belaging en bedreiging na proefverlof
Verdachte werd in hoger beroep geconfronteerd met beschuldigingen van belaging en bedreiging jegens een vrouw en haar vriendin in januari 2010, kort na zijn eerste proefverlof. Hij zou telefonisch contact hebben gezocht met de vriendin en de vrouw hebben bedreigd in een horecagelegenheid.
Het hof oordeelde dat de gedragingen van verdachte niet voldeden aan het vereiste van stelselmatige inbreuk op de persoonlijke levenssfeer zoals bedoeld in artikel 285b Sr. De enkele telefonische contacten en de bedreigende woorden waren onvoldoende om een redelijke vrees voor levensdelict of zware mishandeling te rechtvaardigen.
De vordering tot tenuitvoerlegging van een eerder opgelegde voorwaardelijke gevangenisstraf wegens overtreding van de algemene voorwaarde werd afgewezen omdat verdachte niet werd veroordeeld voor het ten laste gelegde feit. De vordering tot tenuitvoerlegging van de bijzondere voorwaarde kon het hof niet behandelen wegens bevoegdheidsgebrek.
Het hof vernietigde het vonnis van de rechtbank Groningen en sprak verdachte vrij van de ten laste gelegde feiten. Hiermee kwam een einde aan de procedure in hoger beroep.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken van belaging en bedreiging; vordering tot tenuitvoerlegging wordt afgewezen.