ECLI:NL:GHLEE:2011:BQ3266
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- G. Dam
- L.T. Wemes
- P. Greve
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ontneming wederrechtelijk verkregen voordeel wegens medeplegen opiumwet
In deze strafzaak ging het om het hoger beroep tegen het vonnis van de rechtbank Leeuwarden betreffende de ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel. Veroordeelde was eerder bij arrest veroordeeld voor medeplegen van opzettelijk handelen in strijd met artikel 3 onder Pro B van de Opiumwet, gepleegd tussen 1 juli 2005 en 24 januari 2007.
De rechtbank had veroordeelde verplicht het bedrag van €4.793,75 aan de Staat te betalen als ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel. De advocaat-generaal vorderde een vaststelling van het bedrag op €4.793, en bevestiging van de betalingsverplichting.
Het hof heeft het vonnis van de rechtbank bevestigd en de vordering van de advocaat-generaal overgenomen. Het hoger beroep werd behandeld door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Leeuwarden, waarbij veroordeelde werd bijgestaan door haar raadsman. De uitspraak bevestigt het eerdere oordeel en de opgelegde maatregel tot ontneming van het voordeel.
Uitkomst: Het hof bevestigt het vonnis en veroordeelt veroordeelde tot betaling van €4.793 aan de Staat ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel.