ECLI:NL:GHLEE:2011:BQ3826
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- J. Dolfing
- P. Koolschijn
- J. Hielkema
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak primair ten laste gelegde en werkstraf voor mishandeling ex-vriendin
Het gerechtshof Leeuwarden heeft op 4 mei 2011 uitspraak gedaan in het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter in Assen. Verdachte werd primair beschuldigd van opzettelijke mishandeling met zwaar lichamelijk letsel, maar het hof sprak hem hiervan vrij wegens onvoldoende bewijs. Wel werd hij veroordeeld voor het subsidiair ten laste gelegde feit van mishandeling.
Tijdens de zitting werd het verzoek van de raadsman om aanvullende getuigen te horen afgewezen vanwege onvoldoende onderbouwing van manipulatie of afstemming tussen getuigen. De verklaringen van twee klasgenoten van het slachtoffer werden als betrouwbaar beoordeeld en vormden de basis voor de bewezenverklaring.
Verdachte had zijn ex-vriendin publiekelijk in het gezicht geslagen, waardoor zij letsel opliep dat zichtbaar was en medische behandeling vereiste. Het hof oordeelde dat een werkstraf van 40 uur, waarvan 20 uur voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar, passend is gezien de ernst van het feit en de persoonlijke omstandigheden van verdachte.
Daarnaast werd de vordering van het slachtoffer tot een immateriële schadevergoeding van €350 toegewezen. Verdachte is verplicht dit bedrag aan de Staat te betalen ten behoeve van het slachtoffer, met een hechtenisstraf als sanctie bij niet-betaling. Het vonnis van de politierechter werd vernietigd en het hof deed opnieuw recht.
Uitkomst: Verdachte vrijgesproken van primair ten laste gelegde en veroordeeld tot 40 uur werkstraf voor mishandeling met toewijzing van schadevergoeding van €350.