ECLI:NL:GHLEE:2011:BQ4046
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- A.W. Beversluis
- A.H. Garos
- H.J. De Ruijter
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid hoger beroep tegen aanwijzing Bureau Jeugdzorg inzake contact minderjarigen
De moeder van twee minderjarige kinderen, die sinds 2000 onder toezicht staan van Bureau Jeugdzorg Friesland (BJZ) en uit huis geplaatst zijn, verzocht de rechtbank om de schriftelijke aanwijzingen van BJZ van 19 maart 2010 te laten vervallen. Deze aanwijzingen verplichten haar om contact tussen de kinderen en hun grootouders en tante toe te staan of te gedogen. De rechtbank wees dit verzoek af. De moeder stelde hoger beroep in bij het Gerechtshof Leeuwarden.
Het hof stelde vast dat op grond van artikel 807 van Pro het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) tegen beslissingen van de kinderrechter op grond van artikel 1:259 Burgerlijk Pro Wetboek geen hoger beroep openstaat, maar slechts cassatie in het belang der wet. De moeder betoogde dat op grond van wetsgeschiedenis een uitzondering op dit appelverbod zou moeten gelden, analoog aan andere omgangsrechtelijke beslissingen, maar het hof oordeelde dat dit alleen geldt bij inperking van contact tussen ouder en kind, niet bij aanwijzingen zoals in deze zaak.
Het hof verklaarde het hoger beroep van de moeder derhalve niet-ontvankelijk en ging niet inhoudelijk in op het verzoek om geen contact tussen de kinderen en de familie van de moeder toe te staan, omdat hiervoor geen juridische grondslag werd aangevoerd. De beschikking werd uitgesproken op 10 maart 2011 door het Gerechtshof Leeuwarden.
Uitkomst: Het hof verklaart het hoger beroep van de moeder niet-ontvankelijk vanwege het appelverbod van artikel 807 Rv.