ECLI:NL:GHLEE:2011:BQ9093
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- K.J. van Dijk
- J.J. Beswerda
- G.J. Niezink
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak valsheid in geschrift bij betwiste handtekening kredietovereenkomst
Verdachte werd beschuldigd van het valselijk plaatsen van de handtekening van zijn toenmalige partner onder een doorlopende kredietovereenkomst in februari 2003. De benadeelde partij had aangifte gedaan, terwijl verdachte ontkende en stelde dat zijn partner zelf de overeenkomst mede had ondertekend en haar handtekening meerdere malen had gewijzigd.
Het Nederlands Forensisch Instituut (NFI) voerde een vergelijkend onderzoek uit naar de betwiste handtekening en de door de benadeelde partij afgegeven handtekeningen. Hoewel het NFI aangaf dat de verschillen in handschriften niet zodanig waren dat men kon concluderen dat de betwiste handtekening waarschijnlijk niet door dezelfde persoon was gezet, leverde het onderzoek geen steun voor de stelling dat de handtekening door de partner zelf was geplaatst.
Het hof concludeerde dat er geen wettig en overtuigend bewijs was dat verdachte de handtekening valselijk had geplaatst. De vordering tot schadevergoeding van de benadeelde partij werd afgewezen omdat verdachte niet schuldig was bevonden aan het ten laste gelegde. Het hof vernietigde het vonnis van de politierechter en sprak verdachte vrij.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende wettig en overtuigend bewijs dat hij de handtekening valselijk heeft geplaatst.