ECLI:NL:GHLEE:2011:BR0458
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- G. Dam
- L.T. Wemes
- P. Greve
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak oplichting en veroordeling flessentrekkerij en valsheid in geschrift met schadevergoeding
Verdachte werd in hoger beroep vervolgd voor meerdere feiten, waaronder flessentrekkerij, valsheid in geschrift en oplichting. Het hof sprak verdachte vrij van oplichting omdat het zich voordoen als bonafide lener, huurder of werkgever niet kwalificeert als een listige kunstgreep volgens art. 326 Sr Pro. Wel werd bewezen dat verdachte samen met anderen goederen kocht met het oogmerk deze niet te betalen (flessentrekkerij) en dat hij valse bankafschriften en andere documenten vervaardigde om dit te verbergen.
Het hof oordeelde dat verdachte vanaf de overname van het bedrijf in 2005 tot het faillissement in 2006 nauwelijks omzet genereerde, maar wel goederen bleef inkopen zonder te betalen, en schuldeisers misleidde met valse documenten. Verdachte werd veroordeeld tot 24 maanden gevangenisstraf, verminderd met drie maanden wegens overschrijding van de redelijke termijn en rekening houdend met een periode van elektronisch toezicht.
Diverse benadeelde partijen kregen hun vorderingen tot materiële schadevergoeding toegewezen, met hoofdelijkheid van verdachte en mededader, en wettelijke rente vanaf de datum van schade. Andere vorderingen werden afgewezen wegens onvoldoende bewijs of omdat de schade niet rechtstreeks aan verdachte kon worden toegerekend. Het hof legde tevens een schadevergoedingsmaatregel op conform art. 36f Sr.
De straf en schadevergoedingen weerspiegelen de ernst van de feiten en de omvang van de financiële schade die verdachte heeft veroorzaakt door misbruik van vertrouwen in het handelsverkeer.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 24 maanden gevangenisstraf voor flessentrekkerij en valsheid in geschrift en vrijgesproken van oplichting; diverse schadevergoedingen zijn toegewezen.