ECLI:NL:GHLEE:2011:BR0598
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- M.P. den Hollander
- A.W. Beversluis
- K.R. Kuiken
- Rechtspraak.nl
Ontheffing van het ouderlijk gezag wegens ongeschiktheid en belang van het kind
De ouders zijn ontheven van het gezag over hun twee minderjarige kinderen, geboren in 2003 en 2005, omdat zij ongeschikt zijn de verzorging en opvoeding adequaat te vervullen. De kinderen zijn sinds 2007 uit huis geplaatst vanwege risicovolle opvoedingssituaties, waaronder verwaarlozing, overmatig alcoholgebruik en huiselijk geweld.
De kinderen verblijven in perspectiefbiedende pleeggezinnen waar zij zich positief ontwikkelen, ondanks hechtings- en gedragsproblemen. Het hof stelt dat het belang van de kinderen bij veiligheid, continuïteit en stabiliteit zwaarder weegt dan het belang van de ouders om het gezag te behouden. Een terugkeer naar de ouders is niet verantwoord vanwege hun onvoldoende pedagogische vaardigheden en inzicht in de problematiek.
Het hof acht een nader onderzoek naar de pedagogische capaciteiten van de ouders niet nodig, omdat reeds in 2008 een dergelijk onderzoek is verricht en recent een psychologisch rapport is overgelegd. De beschikking van de rechtbank Groningen wordt bekrachtigd, waarbij BJZ tot voogd is benoemd.
Uitkomst: De ouders worden ontheven van het ouderlijk gezag en BJZ wordt benoemd tot voogd over de minderjarige kinderen.