ECLI:NL:GHLEE:2011:BR1202
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- H.J. Deuring
- J. Dolfing
- F.R. Vermeer
- Rechtspraak.nl
Veroordeling minderjarige voor bezit en gebruik van geringe hoeveelheid softdrugs
De minderjarige verdachte werd tweemaal betrapt op het aanwezig hebben en roken van een joint met een geringe hoeveelheid hennep. De verdediging voerde aan dat het openbaar ministerie niet ontvankelijk moest worden verklaard vanwege het gedoogbeleid en het gelijkheidsbeginsel, maar het hof verwierp deze gronden. Het hof stelde vast dat de Richtlijn voor Strafvordering Jeugd van het College van procureurs-generaal het bezit van softdrugs bij minderjarigen strafbaar stelt en dat het gedoogbeleid niet voor minderjarigen geldt.
De verdachte erkende de feiten, maar stelde dat hij daartoe gerechtigd was en dat het roken in de publieke ruimte zonder overlast plaatsvond. Het hof benadrukte de gezondheidsrisico's van softdrugsgebruik bij jongeren en onderschreef de richtlijn die strafbaarstelling voorschrijft. De advocaat-generaal had een voorwaardelijke werkstraf gevorderd, maar het hof legde een onvoorwaardelijke geldboete van €50 op, rekening houdend met de geringe draagkracht van de verdachte.
Het hof vernietigde het vonnis van de kinderrechter en deed opnieuw recht, waarbij het openbaar ministerie ontvankelijk werd verklaard en de verdachte werd veroordeeld tot de geldboete, bij niet-betaling te vervangen door één dag jeugddetentie.
Uitkomst: Verdachte wordt veroordeeld tot een geldboete van €50, bij niet-betaling te vervangen door één dag jeugddetentie.