ECLI:NL:GHLEE:2011:BR4499
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens geschiktheid gangways als vluchtmiddel op binnenvaarttankschip
In deze strafzaak stond centraal de vraag of de mobiele loopplanken (gangways) op het binnenvaarttankschip, die niet voorzien waren van een railing, als geschikte vluchtmiddelen konden worden beschouwd volgens de ADNR-regelgeving. De Inspectie Verkeer en Waterstaat had een richtlijn opgesteld met eisen waaraan vluchtmiddelen moeten voldoen, maar deze richtlijn is niet bindend.
Het hof stelde vast dat het enkele ontbreken van een railing niet automatisch betekent dat de gangways ongeschikt zijn. De gangways waren voorzien van een antisliplaag en hadden voldoende breedte, en de afstand tussen schip en kade was beperkt. De stelling dat de gangways niet stabiel waren, was onvoldoende onderbouwd, aangezien dit alleen gebaseerd was op een foto en een verklaring van de verbalisant.
Het hof vernietigde het vonnis van de politierechter en sprak verdachte vrij omdat niet bewezen kon worden dat zij de ten laste gelegde overtreding had begaan. De gangways voldeden naar het oordeel van het hof aan de eis van geschiktheid als vluchtmiddel, ook in noodgevallen.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken omdat het ontbreken van een railing op de gangways niet betekent dat deze ongeschikt zijn als vluchtmiddel.