ECLI:NL:GHLEE:2011:BR6133
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- W.M. van Schuijlenburg
- B.J.J. Melssen
- J.P. van Stempvoort
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak en gedeeltelijke herroeping voorwaardelijke invrijheidstelling in hoger beroep diefstal motorkettingzaag
In hoger beroep werd verdachte vrijgesproken van het ten laste gelegde feit van diefstal van een motorkettingzaag. Het hof oordeelde dat onvoldoende wettig en overtuigend bewijs aanwezig was voor het wederrechtelijk toe-eigenen van het goed. Ook het subsidiaire ten laste gelegde, het bezit van door misdrijf verkregen goed, kon niet worden bewezen.
Daarnaast behandelde het hof de vordering tot herroeping van de voorwaardelijke invrijheidstelling die was opgelegd bij een eerdere veroordeling. Gezien de positieve gedragsontwikkeling van verdachte en het reeds ten uitvoer gelegde deel van de voorwaardelijke invrijheidstelling, werd deze slechts gedeeltelijk herroepen voor 33 dagen.
De straf voor de overige bewezen verklaarde feiten (3, 4 en 6) werd vastgesteld op 12 weken gevangenisstraf, waarvan 3 weken voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar en onder verplicht reclasseringstoezicht. De motorkettingzaag werd aan verdachte teruggegeven. De vordering tot schadevergoeding van de benadeelde werd niet aan het hof voorgelegd omdat deze niet in hoger beroep was ingebracht.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken van diefstal motorkettingzaag en voorwaardelijke invrijheidstelling gedeeltelijk herroepen; straf voor overige feiten vastgesteld op 12 weken gevangenisstraf.