ECLI:NL:GHLEE:2011:BT2875
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- W.M. van Schuijlenburg
- O. Anjewierden
- J.A. Wiarda
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs gebruik niet-toegestaan lokmiddel bij ganzenjacht
Verdachte werd beschuldigd van het gebruik van niet-toegestane lokmiddelen bij het jagen op ganzen, namelijk elektronische geluidsapparatuur en dode ganzen, in strijd met de Flora- en faunawet en de provinciale verordening schadebestrijding dieren Fryslân 2005.
Tijdens het hoger beroep heeft het hof vastgesteld dat het bewijs onvoldoende was. Verbalisanten hoorden zwartepraatgeluiden die mogelijk afkomstig waren van elektronische geluidsapparatuur, maar zagen geen grote groepen ganzen en vonden geen apparatuur in de jachthut. Batterijen die werden gevonden konden niet met zekerheid aan verdachte worden gekoppeld.
De verdediging ontkende het gebruik van geluidsapparatuur en stelde dat de batterijen niet van verdachte waren. Het hof achtte de waarnemingen en het gevonden materiaal onvoldoende om het gebruik van verboden lokmiddelen wettig en overtuigend te bewijzen.
Daarom vernietigde het hof het vonnis van de politierechter en sprak verdachte vrij van de tenlastelegging. De beslaglegging op de ganzen werd niet door het hof beoordeeld omdat deze betrekking had op een medeverdachte.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs van het gebruik van verboden lokmiddelen bij ganzenjacht.