ECLI:NL:GHLEE:2011:BT5850
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- M.W. Zandbergen
- W. Breemhaar
- R.E. Weening
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep en verzet inzake betaling geldlening tussen voormalige partners
In deze civiele zaak staat een vordering van [geïntimeerde] tegen [appellante] centraal, waarbij betaling van een bedrag van € 2.589,-- wordt gevorderd op grond van door [geïntimeerde] gestelde geldleningen. Tussen partijen bestond een affectieve relatie en [geïntimeerde] heeft betalingen gedaan ten behoeve van [appellante].
De kantonrechter wees de vordering in eerste aanleg af, maar het hof vernietigde dit vonnis bij verstek en veroordeelde [appellante] tot betaling van het gevorderde bedrag met rente. [appellante] kwam in verzet tegen dit arrest, stellende dat zij niet had kunnen verschijnen in hoger beroep en betwistte de erkenning van schuld aan [naam bedrijfsleider].
Het hof oordeelt dat de getuigenverklaring van [naam bedrijfsleider] in combinatie met eerdere schriftelijke verklaringen voldoende bewijs vormt dat [appellante] een bedrag van € 2.700,-- aan [geïntimeerde] verschuldigd is. Het hof staat [appellante] toe tegenbewijs te leveren en wijst een getuigenverhoor toe. De zaak wordt aangehouden tot na het bewijsverhoor.
Uitkomst: Het hof houdt de beslissing aan en staat [appellante] toe tegenbewijs te leveren tegen de vordering van € 2.700,--.