ECLI:NL:GHLEE:2011:BU3585
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- M.W. Zandbergen
- W. Breemhaar
- E.J. Wervelman
- Rechtspraak.nl
Schending zorgplicht assurantietussenpersoon bij onderverzekering opstalverzekering
In deze civiele zaak staat de aansprakelijkheid van een assurantietussenpersoon centraal die bij het afsluiten van een opstalverzekering in 1994 nagelaten zou hebben de verzekeringnemer te adviseren over het laten taxeren van de herbouwwaarde van het verzekerde pand. De verzekeringnemer, eigenaar van een bedrijfsgebouw met woning, liep schade door brand en stelde dat de assurantietussenpersoon tekort was geschoten in haar zorgplicht, waardoor onderverzekering ontstond.
De rechtbank had geoordeeld dat de assurantietussenpersoon onvoldoende had geconcretiseerd dat zij in 1994 had geadviseerd tot taxatie en het risico van onderverzekering had besproken, en dat zij daardoor haar zorgplicht had geschonden. Het hof bevestigt dit oordeel en stelt dat het niet relevant is of in eerdere jaren aan de zorgplicht was voldaan. Tevens acht het hof aannemelijk dat de verzekeringnemer een advies tot taxatie zou hebben opgevolgd indien dat was gegeven.
Het hof oordeelt dat het latere advies in 1999 tot taxatie te vrijblijvend was om de eerdere schending van de zorgplicht te compenseren. De assurantietussenpersoon wordt toegelaten tot het leveren van tegenbewijs omtrent het causaliteitsvereiste. De zaak wordt aangehouden voor getuigenverhoor en nadere bewijslevering, waarbij de assurantietussenpersoon moet aantonen dat het advies tot taxatie ook daadwerkelijk zou zijn opgevolgd.
Uitkomst: De assurantietussenpersoon heeft haar zorgplicht geschonden en is aansprakelijk, maar de zaak wordt aangehouden voor bewijslevering over causaliteit.