ECLI:NL:GHLEE:2012:BW4744
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering tot afgifte roerende zaken wegens onvoldoende aannemelijkheid
In deze zaak vordert geïntimeerde afgifte van diverse roerende zaken die zij meenam bij samenwoning met appellant. De voorzieningenrechter had de vordering grotendeels toegewezen, maar appellant betwistte dat alle goederen nog in zijn bezit waren.
Het hof stelt vast dat een deel van de zaken in beslag is genomen, maar dat voor de overige goederen onvoldoende aannemelijk is dat deze nog onder appellant zijn. Bewijsmiddelen zoals een memo van een buurtagent en verklaringen over overgedragen goederen ondersteunen dit oordeel.
Daarom vernietigt het hof het vonnis voor zover de vordering is toegewezen en wijst het de vordering af. De overige delen van het vonnis worden bekrachtigd en de proceskosten in hoger beroep worden gecompenseerd.
Uitkomst: De vordering tot afgifte van roerende zaken wordt afgewezen wegens onvoldoende aannemelijkheid dat deze nog onder appellant zijn.