ECLI:NL:GHLEE:2012:BX1922
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Gerechtshof bevestigt doorberekening staalprijsverhoging en wijst schadevergoeding wegens vertraging af
Partijen, Norel Hallenbouw B.V. en Ecos Invest Bio-Energie B.V., sloten een aannemingsovereenkomst voor de bouw van twee bedrijfshallen. In een bouwverslag van 14 december 2006 werd een prijsverhoging van € 34.830 doorberekend vanwege stijgende staalprijzen, welke door Ecos voor akkoord werd ondertekend. Ecos stelde later dat deze prijsverhoging niet deugdelijk was onderbouwd vanwege een vervalste offerte.
De rechtbank wees de vordering van Norel af wegens onvoldoende bewijs van de prijsstijging, en kende Ecos gedeeltelijk terugbetaling toe wegens onverschuldigde betaling. Tevens oordeelde de rechtbank dat Norel toerekenbaar tekort was geschoten door de late oplevering van de hallen, en dat Ecos recht had op schadevergoeding.
Het hof vernietigde het vonnis en oordeelde dat Ecos gebonden is aan het bouwverslag en de daarin opgenomen prijsverhoging. Het beroep op vervalste offerte werd onvoldoende onderbouwd en niet als dwaling of bedrog aangemerkt. De schadevordering wegens vertraging werd afgewezen omdat de afstandsovereenkomst slechts ziet op vertraging door overspannen marktsituatie en wijzigingen door Ecos, en de vertraging na 14 december 2006 niet aan Norel kon worden toegerekend.
Het hof veroordeelde Ecos tot betaling van € 25.910,96 plus wettelijke handelsrente en kosten, en verwierp het incidenteel appel van Ecos. De uitspraak bevestigt dat schriftelijke vastleggingen en ondertekening door partijen bindend zijn, ook bij latere betwisting van de onderbouwing.
Uitkomst: Ecos wordt veroordeeld tot betaling van de doorberekende staalprijsverhoging en schadevergoeding wegens vertraging wordt afgewezen.