ECLI:NL:GHLEE:2012:BX2002
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- W. Breemhaar
- G. Jonkman
- A.H. Garos
- Rechtspraak.nl
Geschil over verdeling eigendom en overwaarde voormalige gezamenlijke woning na beëindiging relatie
Partijen, voormalige levenspartners, waren gezamenlijk eigenaar van een woning die zij in 1993 aankochten. De woning werd in 2006 verkocht, waarna discussie ontstond over de verdeling van de verkoopopbrengst minus hypotheekschulden en door een van de partijen gedane betalingen.
De vrouw vorderde de helft van de overwaarde, terwijl de man stelde dat zij haar rechten als mede-eigenaar alleen kon uitoefenen bij zijn vooroverlijden, gebaseerd op een mondelinge overeenkomst. De rechtbank wees de vorderingen van beide partijen deels toe en deels af.
In hoger beroep betwistte de vrouw de mondelinge afspraak en stelde dat de wettelijke verdeling van artikel 3:166 lid 2 BW Pro van toepassing is, waarbij ieder recht heeft op een gelijk aandeel. Het hof stelde vast dat de man de bewijslast draagt voor zijn stelling en liet bewijs toe, waaronder getuigenverhoor.
De zaak werd aangehouden voor bewijslevering, waarbij het hof nadere procedurele instructies gaf voor het getuigenverhoor en verdere procesvoering. Het geschil draait om de uitleg van de rechtsverhouding tussen partijen en de verdeling van de overwaarde van de woning.
Uitkomst: Het hof houdt de zaak aan voor bewijslevering over de mondelinge afspraak en bepaalt nadere procedurele stappen voor getuigenverhoor.