ECLI:NL:GHLEE:2012:BX7011
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoofdverblijf minderjarige tijdens bodemprocedure in familierechtelijke zaak
In deze zaak staat centraal bij wie van de partijen het hoofdverblijf van de minderjarige [kind 2] dient te zijn in afwachting van de beslissing in de bodemprocedure. De vrouw had de man in kort geding gedagvaard met het verzoek om de kinderen aan haar af te geven, terwijl de man in reconventie vorderde dat de kinderen hun hoofdverblijf bij hem zouden hebben.
De voorzieningenrechter wees de vorderingen van de vrouw af en kende de vorderingen van de man toe, waarbij onder meer werd bepaald dat [kind 2] om de veertien dagen een weekend bij de vrouw zou verblijven. De vrouw voert in hoger beroep aan dat het beter is dat [kind 2] bij haar blijft en weer naar haar oude school gaat, terwijl de man betoogt dat het welzijn van [kind 2] bij hem beter is gewaarborgd.
Het hof constateert dat het onvoldoende is geïnformeerd over de actuele situatie van [kind 2] en beveelt daarom een comparitie van partijen voor het verstrekken van nadere inlichtingen en het beproeven van een schikking. De zaak wordt verwezen naar een nader te bepalen datum voor deze comparitie.
Uitkomst: Het hof bevestigt het vonnis van de voorzieningenrechter en beveelt een comparitie voor nadere inlichtingen over het hoofdverblijf van de minderjarige tijdens de bodemprocedure.