ECLI:NL:GHLEE:2012:BX9122
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- J.D.S.L. Bosch
- W. Breemhaar
- G.K. Schipmölder
- Rechtspraak.nl
Beoordeling toepasselijk recht en verdeling huwelijksgemeenschap na Marokkaanse echtscheiding
Partijen zijn in 1985 in België gehuwd volgens Marokkaans recht. De rechtbank Leeuwarden sprak in 2004 de echtscheiding uit en beval de verdeling van de huwelijksgemeenschap. Het hof bevestigde de Nederlandse rechterlijke bevoegdheid en verwierp het beroep op artikel 12 Rv Pro en toepassing van Marokkaans recht. De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep van de man.
De echtscheidingsbeschikking werd in 2007 ingeschreven, waarmee het huwelijk werd ontbonden. Partijen slaagden er niet in de gemeenschap te verdelen, waarna de vrouw de rechtbank verzocht dit te doen. De rechtbank wees de vordering toe, maar het verzet van de man werd gegrond verklaard. Beide partijen gingen in hoger beroep.
Het hof bevestigde dat de Nederlandse rechter bevoegd is en dat Nederlands recht van toepassing is op de verdeling, mede gelet op de commune conflictenrechtelijke aanknopingsladder en het ontbreken van een geldige rechtskeuze. Het hof stelde de peildatum voor de verdeling op 29 maart 2007 en beoordeelde de samenstelling van de boedel, waaronder onroerend goed in Marokko, ondernemingen in Nederland en Marokko, inboedel en schulden. Diverse grieven van de vrouw werden afgewezen wegens onvoldoende bewijs of onjuiste onderbouwing.
Het hof gaf partijen gelegenheid om processtukken over eerdere beslissingen in te brengen om het gezag van gewijsde te beoordelen en hield verdere beslissing aan. De zaak werd verwezen naar de rol van 2 oktober 2012.
Uitkomst: Het hof bevestigt de Nederlandse rechterlijke bevoegdheid en toepassing van Nederlands recht op de boedelverdeling en wijst de vorderingen van appellante toe voor zover mogelijk, met aanhouding voor nadere processtukken.