ECLI:NL:GHSGR:1996:AA4477
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- A.C. de Groot
- E.M. Aukes-de Vries
- R.A. van Gorkum
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vestiging in Nederland voor kapitaalsbelasting ondanks latere directiewijziging
Belanghebbende, een Ierse vennootschap opgericht door een Amerikaanse moedervennootschap, werd geconfronteerd met een naheffingsaanslag kapitaalsbelasting opgelegd door de Inspecteur. Het geschil betrof het tijdstip waarop belanghebbende in Nederland gevestigd was, wat bepalend is voor de belastingplicht.
Belanghebbende stelde dat de feitelijke vestiging in Nederland pas per 12 december 1990 plaatsvond, terwijl de Inspecteur en het Hof oordeelden dat de vestiging reeds bij oprichting op 26 september 1990 bestond. Dit oordeel was gebaseerd op eerdere correspondentie waarin belanghebbende stelde dat de leiding en administratie vanuit Nederland werden gevoerd.
Het Hof oordeelde dat belanghebbende haar aanvankelijke standpunt niet voldoende had onderbouwd en dat de latere wijziging van inzicht niet voldoende was gemotiveerd. De directiewijziging kort na de kapitaalstorting werd gezien als een kunstgreep om heffing te vermijden.
Daarom werd de naheffingsaanslag bevestigd en belanghebbende geacht vanaf oprichting in Nederland gevestigd te zijn, conform artikel 4 van Pro de Algemene wet inzake rijksbelastingen.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt verworpen en de naheffingsaanslag kapitaalsbelasting wordt bevestigd.