ECLI:NL:GHSGR:1998:AA4255
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- A.C. de Groot
- C.G.M. van Rijnberk
- J.W. Savelbergh
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke uitspraak over fiscale afschrijving en complexvorming gascilinders
Belanghebbende, een onderneming actief in de productie en handel van gassen, maakte bezwaar tegen een aanslag vennootschapsbelasting over 1992. De Inspecteur had de aanslag verhoogd wegens het niet toestaan van degressieve afschrijvingen op een fabriek (LF33) en het niet accepteren van volledige afschrijving van gascilinders.
Belanghebbende stelde dat de Inspecteur het vertrouwensbeginsel had geschonden door jarenlang degressieve afschrijvingen te accepteren, gebaseerd op eerdere schriftelijke overeenkomsten en gedragslijnen. Daarnaast voerde belanghebbende aan dat gascilinders voorwerpen van geringe waarde zijn en geen complex vormen, zodat deze ineens afgeschreven konden worden.
Het Hof oordeelde dat het vertrouwen door de Inspecteur terecht was gewekt, mede omdat de Belastingdienst als één organisatie moet worden gezien en eerdere gedragslijnen bindend zijn. Ten aanzien van de gascilinders stelde het Hof dat deze, vanwege hun massa, functionele rol en investeringswaarde, als complexe bedrijfsmiddelen moeten worden aangemerkt, waardoor activering verplicht is.
Het Hof vernietigde de bestreden uitspraak, verminderde de aanslag en veroordeelde de Inspecteur in de proceskosten. De uitspraak werd op 8 december 1998 openbaar uitgesproken door het Gerechtshof 's-Gravenhage.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt gegrond verklaard, de aanslag vennootschapsbelasting wordt verminderd en de Inspecteur wordt veroordeeld in de proceskosten.