ECLI:NL:GHSGR:2000:AA9931
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Koning
- Schuering
- Labohm
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over pensioenverevening bij echtscheiding onder huwelijkse voorwaarden
De vrouw is in hoger beroep gekomen tegen een beschikking van de rechtbank waarin haar verzoek tot verevening van het tijdens het huwelijk opgebouwde ouderdomspensioen werd afgewezen. De partijen waren gehuwd onder huwelijkse voorwaarden met uitsluiting van vermogensrechtelijke gemeenschap, waarin tevens was bepaald dat pensioenaanspraken niet in verrekening zouden worden gebracht na echtscheiding.
Het hof bevestigt het oordeel van de rechtbank dat deze uitsluiting ook pensioenverevening omvat. Daarbij speelt mee dat bij het sluiten van de huwelijkse voorwaarden in 1985 al bekend was dat pensioen niet hoefde te worden verdeeld bij uitsluiting van gemeenschap, en dat de wettelijke term 'verevening' toen nog niet bestond. De bepaling in de huwelijkse voorwaarden is dan ook bedoeld om toekomstige wettelijke regelingen uit te sluiten.
Verder oordeelt het hof dat het recht van de vrouw op het nabestaandenpensioen afhankelijk is van de pensioenfondsregeling, die niet bekend is, zodat ook dit verzoek niet kan worden toegewezen. De behandeling van overige geschilpunten wordt aangehouden tot januari 2001. De afwijzing van de pensioenvereveningsverzoeken wordt bekrachtigd.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de afwijzing van het verzoek tot pensioenverevening en wijst het beroep van de vrouw af.