ECLI:NL:GHSGR:2000:AA9968
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Van den Wildenberg
- Schuering
- Van Knobelsdorff
- Rechtspraak.nl
Bevestiging alimentatieverplichting na huwelijk vrouw met nieuwe partner
De man en vrouw zijn in 1972 gehuwd en hebben twee meerderjarige kinderen. In 1997 sloten zij een echtscheidingsconvenant waarin de man zich verplichtte alimentatie te betalen aan de vrouw zolang zij beiden in leven zijn en totdat de vrouw haar deel van het ouderdomspensioen ontvangt. De alimentatie zou worden gehalveerd indien de vrouw zou gaan samenwonen of hertrouwen, met een regeling voor kosten van de jongste zoon.
De man verzocht de alimentatie na het huwelijk van de vrouw met haar nieuwe partner op nihil te stellen, stellende dat het convenant tot stand kwam met grove miskenning van wettelijke maatstaven en dat hertrouwen niet tot verbetering van haar financiële positie mocht leiden. Het hof oordeelde dat de man bewust heeft ingestemd met het convenant, mede geïnformeerd door de procureur van de vrouw, en dat de alimentatiebepalingen juist rekening hielden met mogelijke hertrouw.
Het hof verwierp het beroep op dwaling en oordeelde dat er geen onbillijke wijziging van omstandigheden is die wijziging van de alimentatie rechtvaardigt. De rechtbank had het verzoek van de man tot nihilstelling van de alimentatie reeds afgewezen, en het hof bekrachtigde deze beschikking. De man werd niet in de proceskosten veroordeeld omdat partijen ex-echtgenoten zijn.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de beschikking dat de alimentatieverplichting van de man jegens de vrouw ongewijzigd blijft ondanks haar hertrouwen.