ECLI:NL:GHSGR:2000:AB0133
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- De Bruijn-Lückers
- Koning
- Pannekoek-Dubois
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep alimentatie na echtscheiding met beoordeling draagkracht en behoefte
De zaak betreft een hoger beroep van de man tegen een beschikking van de rechtbank Middelburg waarin de alimentatieverplichting aan zijn ex-echtgenote werd verhoogd. De rechtbank had de alimentatiebedragen aanzienlijk hoger vastgesteld dan de man had verzocht.
In hoger beroep betwist de man de draagkrachtberekening van de rechtbank, met name de wijze waarop rekening is gehouden met zijn financiële situatie na het mislukken van een horecaonderneming in Polen. De vrouw betwist dat haar behoefte lager is dan vastgesteld en wijst op haar gezinssituatie met de meerderjarige dochter die bij haar woont.
Het hof oordeelt dat de vrouw, gelet op haar leeftijd, opleiding en werk, niet verplicht kan worden haar werkzaamheden uit te breiden. De tijdelijke aard van het inwonen van de dochter leidt ertoe dat de vrouw vrijwel alle lasten draagt. De man heeft onzorgvuldig gehandeld door zijn ontslagvergoeding volledig in de risicovolle onderneming te investeren, waardoor niet alle schuldenlast ten laste van zijn draagkracht kan komen.
Het hof stelt de draagkracht van de man vast op basis van een jaarinkomen van ƒ 87.573,- en houdt rekening met redelijke lasten. De alimentatie wordt vastgesteld op ƒ 1.215,- per maand voor de periode 23 februari 1999 tot 1 juni 1999 en ƒ 2.135,- per maand vanaf 1 juni 1999. De eerdere beschikking wordt vernietigd en het hoger beroep van de man wordt deels toegewezen.
Uitkomst: Het hof stelt de alimentatie vast op ƒ 1.215,- en ƒ 2.135,- per maand en vernietigt de eerdere beschikking.