ECLI:NL:GHSGR:2001:AA9952
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Van den Wildenberg
- Pannekoek-Dubois
- Mulder
- Rechtspraak.nl
Bevestiging omgangsregeling met biologische vader na drie jaar, afwijzing informatieregeling
In deze zaak staat de omgang tussen een kind en haar biologische vader centraal. Het hof bekrachtigt de eerdere beschikking van de rechtbank voor wat betreft de omgang, maar beperkt de afwijzing van het verzoek tot een omgangsregeling tot een periode van drie jaar. Dit besluit volgt op een rapport van het Ambulant Bureau Jeugdwelzijnszorg (ABJ) dat concludeerde dat omgang op dat moment niet in het belang van het kind is vanwege haar cognitieve onrijpheid en de gespannen relatie tussen moeder en biologische vader.
De biologische vader kan zich vinden in deze termijn en wenst op de hoogte te blijven van de ontwikkeling van het kind. De moeder verzet zich tegen een informatieregeling omdat de biologische vader het kind niet erkend heeft. Het hof oordeelt dat er sprake is van familylife tussen de biologische vader en het kind, waardoor op grond van artikel 8 EVRM Pro een recht op informatie bestaat. Echter, het hof wijst het verzoek af omdat het via de moeder lopen van informatie te belastend is en het belang van het kind schaadt.
De kosten van de procedure worden tussen partijen gecompenseerd. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad en het meer of anders verzochte wordt afgewezen.
Uitkomst: Omgang met de biologische vader wordt afgewezen voor drie jaar; verzoek tot informatieregeling wordt afgewezen.