ECLI:NL:GHSGR:2001:AB1582
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Schuering
- Dusamos
- Mulder
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep alimentatie na echtscheiding met beoordeling draagkracht en behoefte
Partijen zijn gehuwd sinds 1969 en hebben twee volwassen zoons. Na hun echtscheiding in 2000 stelde de rechtbank voorlopige alimentatie vast voor de vrouw. De man ging in hoger beroep tegen de alimentatiehoogte en verzocht om nihil vaststelling of limitering tot 2008.
Het hof beoordeelde de behoefte van de vrouw, die een netto behoefte van circa ƒ 4.162,- per maand stelde, en achtte dit redelijk gelet op de welstand tijdens het huwelijk en haar fysieke beperkingen die fulltime werken onmogelijk maken. De man stelde onvoldoende draagkracht te hebben, maar het hof vond zijn financiële situatie onvolledig en niet geloofwaardig voorgesteld. De man beschikte over diverse ondernemingen en vermogensbestanddelen waaruit hij inkomsten kan genereren.
Het hof concludeerde dat de man voldoende draagkracht heeft om alimentatie te betalen van ƒ 4.095,- bruto per maand vanaf de datum van inschrijving van de echtscheiding en ƒ 3.800,- vanaf 1 januari 2001. Het verzoek tot limitering van de alimentatie werd niet-ontvankelijk verklaard wegens het late tijdstip van indiening. De eerdere beschikking werd vernietigd en vervangen door deze nieuwe alimentatiebepaling.
Uitkomst: De alimentatie voor de vrouw wordt vastgesteld op ƒ 4.095,- bruto per maand vanaf inschrijving echtscheiding en ƒ 3.800,- vanaf 1 januari 2001; het verzoek tot limitering wordt niet-ontvankelijk verklaard.