ECLI:NL:GHSGR:2001:AD3840
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Hehemann
- Pannekoek-Dubois
- Labohm
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep echtscheiding en alimentatie met toepassing Nederlands en Schots recht
De man en vrouw zijn gehuwd in Polen en woonden achtereenvolgens in Nigeria en Nederland. Na hun scheiding heeft de rechtbank de echtscheiding uitgesproken, alimentatie toegekend en gezamenlijk gezag vastgesteld. De man ging in hoger beroep met verzoeken tot toepassing van Schots recht, alleen gezag voor hem, en verlaging van alimentatie.
Het hof oordeelt dat de vrouw geen werkelijke maatschappelijke band met Schotland heeft, zodat Nederlands recht van toepassing is op echtscheiding en alimentatie. De vrouw wordt niet-ontvankelijk verklaard in haar incidenteel appel. De alimentatiebedragen worden bekrachtigd conform de rechtbank. Het gezag over de kinderen wordt aangehouden vanwege onvoldoende inzicht in het door de man gestelde alcoholprobleem van de vrouw, met een verzoek aan de Raad voor de Kinderbescherming voor nader onderzoek.
Ten aanzien van het huwelijksvermogensrecht wordt vastgesteld dat Schots recht van toepassing is, omdat partijen dezelfde nationale Schotse nationaliteit hadden bij huwelijk en geen rechtskeuze is gemaakt. Het hof beveelt afwikkeling van het huwelijksvermogen volgens Schots recht. Het hoger beroep wordt verder afgewezen.
Uitkomst: Echtscheiding en alimentatiebeslissingen bekrachtigd onder Nederlands recht, huwelijksvermogensrecht toegewezen aan Schots recht, gezagsbeslissing aangehouden.