ECLI:NL:GHSGR:2002:AE1916
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- De Brauw
- Meijer
- Looten
- Rechtspraak.nl
Bevoegdheid burgerlijke rechter en afwijzing oproeping in vrijwaring in geschil aannemingsovereenkomst
In deze civiele zaak vordert NEM B.V. een bedrag van Gevudo B.V. en Vuilverbranding wegens meerkosten voortvloeiend uit een aannemingsovereenkomst en een aanvullende vaststellingsovereenkomst. Appellanten Gevudo en Vuilverbranding voeren onder meer aan dat de rechtbank onbevoegd is vanwege een arbitrageclausule in de oorspronkelijke aannemingsovereenkomst tussen Gevudo en Lurgi.
Het hof oordeelt dat NEM geen partij is bij de oorspronkelijke aannemingsovereenkomst en dus niet gebonden is aan de arbitrageclausule. De aanvullende overeenkomst van 5 maart 1998, waarbij NEM wel partij is, bevat geen arbitragebeding. Hierdoor is de burgerlijke rechter bevoegd om kennis te nemen van het geschil.
Verder wordt het verzoek van appellanten om Lurgi in vrijwaring te laten oproepen afgewezen. Er zijn onvoldoende feiten gesteld waaruit blijkt dat Lurgi verplicht is de gevolgen van een veroordeling van Gevudo en Vuilverbranding jegens NEM te dragen. De rechtbank had dit verzoek ook al afgewezen, en het hof bekrachtigt dit oordeel.
Het hoger beroep leidt niet tot vernietiging van het vonnis, en het hof veroordeelt Gevudo en Vuilverbranding hoofdelijk in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof verklaart de burgerlijke rechter bevoegd en wijst het verzoek tot oproeping in vrijwaring van Lurgi af.