ECLI:NL:GHSGR:2002:AE1917
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- J. Vrij
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep op verschoningsrecht hoofd BVD in getuigenverhoor
In deze civiele procedure vordert de hoofd van de Binnenlandse Veiligheidsdienst (BVD) zich te mogen verschonen van het afleggen van een getuigenverklaring over gebeurtenissen uit de jaren 70 en daarna, waarop de bewijsopdracht betrekking heeft. De hoofd BVD stelt dat hij sinds 1997 in functie is en geen kennis heeft van die feiten, en dat hij vanwege geheimhoudingsplicht en de Wet Openbaarheid van Bestuur geen dossier kan inzien.
De raadsheer-commissaris overweegt dat het ontbreken van kennis niet zonder meer vrijstelling van getuigenverhoor rechtvaardigt, aangezien de getuige die kennis alsnog kan vergaren door intern onderzoek. Ook het beroep op geheimhouding faalt omdat geen ontheffing is aangevraagd van de betrokken ministers. Het beroep op misbruik van procesrecht en gebrek aan belang is onvoldoende onderbouwd.
Het hof wijst daarom het beroep op verschoningsrecht af en bepaalt dat de getuige op een nader te bepalen tijdstip kan worden gehoord. De kosten worden gereserveerd tot de einduitspraak in de hoofdzaak.
Uitkomst: Het beroep op verschoningsrecht van de hoofd BVD wordt afgewezen en hij zal als getuige worden gehoord.